Mijn ouders, Hans en Truus
Een tamelijk somber zelfportret door mijn vader, het lijkt goed, alleen de verhoudingen kin/voorhoofd lijken niet helemaal te kloppen, en z’n ogen zaten ook gewoon recht voor zover ik me herinner. Hij was niet somber gestemd, het komt door het staren in de spiegel dat hij er zo uitziet. Tip bij het maken van een zelfportret: gebruik twee spiegels in een hoek ten opzichte van elkaar om jezelf van een hele andere kant te kunnen bekijken.
Van mijn vader zijn er nog meer creatieve uitingen, er bestaan aquarelletjes van zijn hand en ik heb een zogenaamde ’schnitzelbank’, die hij tekende ter gelegenheid van het 25-jarig huwelijk van mijn moeders ouders, een lange papierrol met scenes uit hun leven. In zijn bureaula zaten zijn tekenspulletjes waaronder pastelkrijt achter slot en grendel. Een enkele keer mocht ik de doos gebruiken, maar ik deed er niks mee, ik keek alleen naar de mooie kleurtjes. Als je alleen dat deed, verpulverden ze al. Hij had ook muziek’bevliegingen’: klarinet, mondharmonica en accordeon. Ik heb nog steeds een blokfluit die ik van hem kreeg toen zijn bevlieging over was. Stille nacht en Vader Jacob, dat kan ik erop spelen, en Moe daar ligt een kip in ‘t water. Ga naar het blog voor mijn getekende kip
Juten zijn ook kippen. Mijn vader was een juut, een Amsterdamse politieman. Commissaris De Vries van het knipsel op deze pagina schreef boeken. ‘De commissaris vertelt’ en ‘De commissaris vertelt verder’. Op het bureau kenden ze het derde deel: ‘De commissaris kan me nog meer vertellen’. Later werd mijn vader hoofd van de Vreemdelingendienst. Hij overleed in 1980.
